U bent hier

Arbeidskaarten

Om als buitenlandse werknemer in België arbeid in loondienst te kunnen verrichten, heb je in principe een arbeidskaart nodig. Maar een aantal categorieën van werknemers, bijvoorbeeld onderdanen van de EU, zijn vrijgesteld van de verplichting om een arbeidskaart te hebben.

Soorten

Er zijn drie types van arbeidskaarten:

  • arbeidskaart B:
    • geldt voor tewerkstelling in loondienst bij één bepaalde werkgever.
    • wordt automatisch toegekend als je werkgever een arbeidsvergunning heeft.
    • blijft geldig voor bepaalde duur, maar kan verlengd worden.
  • arbeidskaart A:
    • geldt voor elk beroep in loondienst bij om het even welke werkgever.
    • wordt toegekend aan een buitenlandse werknemer die kan bewijzen dat hij vier jaar heeft gewerkt met een arbeidskaart B in een periode van tien jaar verblijf, onmiddellijk voorafgaand aan de aanvraag. Dat verblijf moet wettig en ononderbroken zijn. In de praktijk wordt de arbeidskaart A maar zelden uitgereikt, omdat wie in aanmerking komt, meestal al in aanmerking komt voor een verblijf van onbeperkte duur, waardoor hij geen arbeidskaart meer nodig heeft.
    • blijft geldig voor bepaalde duur, maar kan verlengd worden.
  • arbeidskaart C:
    • geldt voor elk beroep in loondienst bij om het even welke werkgever.
    • wordt toegekend aan buitenlandse werknemers die hier mogen verblijven om andere redenen dan tewerkstelling (bv. studenten, kandidaat-vluchtelingen).
    • blijft geldig voor bepaalde duur.

Voor een overzicht van de voorwaarden waaronder buitenlandse werknemers in Vlaanderen en België kunnen werken kan je terecht op de website van het Departement voor Werk en Sociale Economie of bij de provinciale Dienst Economische Migratie van het Departement voor Werk en Sociale Economie. Voor buitenlandse werknemers die solliciteren voor een knelpuntberoep zijn de regels soepeler.

Mensen met een buitenlandse nationaliteit die in België als zelfstandige willen werken, hebben daarvoor een beroepskaart voor vreemdelingen nodig.

Procedure

  • De arbeidskaarten A en C vraagt u als werknemer zelf aan. Daarvoor moet u een aanvraagdossier indienen bij de provinciale Dienst Economische Migratie.
  • De arbeidskaart B wordt door uw werkgever aangevraagd.

De ingevulde en ondertekende aanvraagformulieren moet je vooreerst laten controleren op de dienst Burgerzaken die deze documenten zal ondertekenen en voorzien van de nodige bijlagen vooraleer je deze formulieren bezorgt aan de provinciale Dienst Economische Migratie.

De dienst Economische Migratie bezorgt de dienst Burgerzaken vervolgens je arbeidskaart.

Uitzonderingen

Onderdanen van de Europese Unie en van Noorwegen, IJsland, Liechtenstein en Zwitserland hebben geen arbeidskaart of arbeidsvergunning nodig. Voor andere vrijstellingen en afwijkingen kan je terecht bij de provinciale Dienst Arbeidsmigratie en Uitzendkantoren.

Website 

Arbeidskaarten en -vergunningen